Vragen aan auteurs: Tjeenk Willink

Soms dragen publicaties bij aan ‘publieke bezinning’. Om het gesprek over deze bijdragen verder vorm te geven hebben we de schrijvers enkele vragen voorgelegd. Ons oog viel de afgelopen tijd onder andere op de volgende titel:

Herman Tjeenk Willink: Groter denken, kleiner doen (boek uit 2018)

 

Vragen aan Herman Tjeenk Willink

In uw analyse van onze slecht onderhouden rechtsorde geeft u aan dat het maatschappelijk debat over bestaande tegenstellingen zal helpen deze tegenstellingen te verkleinen. En dat dit debat, wanneer niet enkel vanuit een commercieel oogpunt georganiseerd, tegenwicht zal bieden aan de bestuursmatige taal en rationaliteit van bestuurders en overheden.

U geeft aan dat het boek een oproep is. Een oproep om de vaak ongemakkelijke feiten onder ogen te zien. In onze optiek is het echter ook een ongemakkelijk feit dat, ondanks een veelheid aan oproepen aan de burger om zijn stem te laten horen, het een kleine minderheid van ‘usual suspects’ blijft die dit daadwerkelijk doet.

Bas Heijne schrijft in zijn boek ‘Onbehagen, nieuw licht op de beschaafde mens’ het volgende:

“Het individu ziet zijn burgerschap, zijn band met de samenleving, niet langer als een bewust proces, waarbij hij zijn keuzes en opvattingen kenbaar kan maken en zodoende bijdragen aan het idee van een gemeenschap. Hij ziet zich steeds meer gereduceerd tot een te monitoren object, waarvan de toestand, het gedrag en de risico’s samengevat kunnen worden in tabellen. Samen maken die tabellen uit hoe de samenleving naar hem kijkt. Hoe hij naar de samenleving kijkt, doet er dan veel minder toe.”

Zou het niet kunnen zijn dat de burger (samen met wellicht de ondernemer, de uitvoerder etc.) ook op een zekere manier uitgehold is? Onze vraag aan u is daarom: hoe kunnen we er volgens u voor zorgen dat de burger vanuit een gevoel van ‘ertoe doen’ weer actief gaat bijdragen aan de democratische rechtsorde?